In de onmiddellijke omgeving van mijn hoekje aan de Rue Voltaire vind je eieren bij de kruidenier, zeboevlees bij de slager en roze blouses bij het textielkraam. Er is ook een donker magazijntje waar enkele computers je toegang tot het internet verlenen en je documenten kan printen en zelfs plastificeren. De gevangenis is het grootste complex in mijn buurt. Enkele dagen geleden stond er van ’s morgensvroeg tot ’s avonds laat een enorme camion voor de poort geparkeerd. De ganse dag werd er cassave gelost en gemorst. Het enige dat de negenhonderd gedetineerden te eten krijgen is cassavesoep, liet ik me vertellen. Variaties op dat dieet hopen ze te krijgen van goedwillende familieleden. Anders gaan ze dood.
Rechtover de prison begint een mooie geplaveide straat. Het is de straat van de grote moskee. Hoewel de meeste Malagasy christen zijn, blijven er genoeg moslims over om tenminste twee moskeeën uit te baten in Antsirabe. Die op de kasseiweg is een sjiitische versie. Het is een mooi gebouw. Bij elke straathoek staan pousse-pousses geparkeerd. Deze door mensenkracht getrokken riksja werd hier lang geleden door de Chinezen geïntroduceerd. Met om en bij de vijfduizend van deze felgekleurde vervoersmiddelen mag Antsirabe zich terecht de pousse-pousse hoofdstad van Madagaskar noemen. Aan het eind van de klinkerstraat, tussen enkele lege loodsen, bevindt zich een feestzaal van de kerk. Op zondag is het er een drukte van belang: tientallen pousse-pousses brengen de gelovigen af en aan. Allen op hun paasbest; sommige met roze blouses.
Via een geasfalteerd verbindingsweggetje loop ik naar het centrum. ’s Avonds vult de verleidende geur van Jenny’s pizzaoven het valleitje dat je over moet om er te komen. Op de hoek van de straat is een bank. Sinds vorige week ben ik er klant. Om er een rekening te openen had ik naast een kopie van mijn paspoort en twee pasfoto’s ook een certificat de residence nodig. Die krijg je van de Chef de Fokontany. Deze wijkoverste controleert of je wel degelijk in zijn jurisdictie woont, en levert je na enkele vriendelijke bezoekjes dit certificaat. Je kan best een tiental exemplaren van het document vragen, werd me geadviseerd. Te pas en te onpas verwacht men er een van je, en een kopie wordt meestal vriendelijk geweigerd. In de straat van mijn bank bevindt zich ook Hotel Hasina. Jaren geleden was dit mijn allereerste onderkomen in Antsirabe.
Het postkantoor is een van de vele mooie gebouwen aan de Avenue de l’Indépendance. Hier kom ik om op de klassieke methode bevestigingen te versturen aan hotels die niet aan e-mailen doen. Een ander pareltje en tevens een prachtig exemplaar van koloniale architectuur, is het in 1913 gebouwde station aan het einde van de statige avenue. Jammer dat de trein naar de hoofdstad niet meer rijdt, anders zou het de manier bij uitstek zijn om gasten op te halen. De westkant van de onafhankelijkheidslaan wordt gedomineerd door het imposante Hotel des Thermes. Het ietwat verloederde hotel heeft weliswaar wat van zijn charme van weleer verloren, maar onderhoudt wel nog steeds een prachtige tuin met zwembad. Van een goede vriendin leerde ik dat de koninklijke familie van Marokko hier in ballingschap leefde tijdens de periode van het Franse Protectoraat. Ideaal om een zondagmiddag door te brengen, dacht ik, en voegde de daad bij het woord.
Wordt vervolgd.

