Vissers uit de wetlands van noord Botswana gebruiken reeds sinds het midden van de 17de eeuw uitgeholde boomstammen om de Okavango Delta te bevaren. Met kleine handbijlen bewerken ze maandenlang het rotresistente kiaat of jackhalsbessenhout tot er een degelijke dug-out kano uit ontstaat. Deze deltawaardige uitgeholde boomstam heet hier mokoro.
De komst van het toerisme naar de regio dat alle bezoekers een onvergetelijke ervaring op het water en tussen het papyrus belooft, bedreigt de groei van bovenvermelde hardhoutsoorten. Milieubewuste organisaties die watersafari’s aanbieden zijn daarom overgeschakeld op glasvezelmokoro’s. Niet enkel het milieu maar ook de belangen van de vissers die toeristen rondvaren worden beschermd. Eén van die belangenorganisaties is de Okavango Polers Trust. Het is hun taak ervoor te zorgen dat de polers genoeg betaald worden en de werkaanbiedingen eerlijk verdeeld.
Een bazige tante
Het meisje van de Okavango Polers Trust is geen katje om zonder handschoenen aan te pakken. Met haar ontplofte kapsel en kordate aanpak deed ze meer denken aan een vakbondsmilitant tijdens de mijnstakingen dan aan een visservrouw uit de delta. De balans van de onderhandelingen die ik met haar voerde over een verandering in ons programma om de delta in te trekken woog dan ook vooral door bij haar. Na enkele toegevingen van beide kanten kwamen we echter tot een compromis en een flirtend grapje deed haar zowaar verlegen glimlachen. Ze maande mij en enkele van mijn gasten aan om plaats te nemen achterop een klaarstaande pick-up en gaf de chauffeur teken de motor te starten. Nadat ze een namenlijst van potentiële polers uit haar kantoortje haalde reden we het uitgestrekte vissersdorp in. We hielden halt bij enkele hutjes maar vingen bot, de man des huizes was niet thuis. “Niet opgeven”, lachte de ontplofte. Nu ze haar zinnen gezet had op de taak om voor ons een team polers op te trommelen leek niets haar te stoppen. Voor de wagen bij een huisje halt hield schreeuwde ze reeds naar een vrouw die maïs stond te malen. “Is je man in de buurt? Ik heb werk voor hem.” Na een zoektocht van een uurtje was de pick-up truck overladen met grijnzende vissers en geplette toeristen. Hier en daar stopten we nog om een tent, punterstok of haastig klaargemaakte mieliepap. De rest van mijn groep die reeds bij het mokoro-station wachtte haalde opgelucht adem toen ze de overladen terreinwagen zagen naderen. Nog voor ze was uitgestapt begon de bazige tante van de Polers Trust bevelen te schreeuwen. De wagen moest zo snel mogelijk gelost worden en de bootjes geladen. De vissers schoten in actie maar behielden hun grijns. Mijn mensen, die blij waren dat we het water op mochten, sleepten hun bagage tot bij de mokoro’s. Niet veel later duwden de polers de bootjes van de oever af en dreven we het met waterlelies bedekte water op. De rust keerde weer.
Een uitgestrekte oase
De Okavango Delta is een enorm uitgestrekte oase waar het hele jaar door water is. De met riet, papyrus en waterlelies bedekte watergebieden verbergen tevens uitgestrekte landtongen en eilanden waarop baobabs en mopane groeien. Terwijl de moerassen het leefgebied zijn van nijlpaarden, krokodillen en waterantilopen als de rode lechwe en de sitatunga kan je op het vaste land olifanten, buffels, zebra’s en gnoes tegenkomen. Al dit lekkers trekt uiteraard ook roofdieren aan. Bovenaan de rangorde prijkt de leeuw gevolgd door de gevlekte hyena, wilde hond, luipaard en cheeta. Vogelliefhebbers kunnen in de delta hun hartje ophalen. Naast zeldzame soorten als de Bradfield’s tok en de koperstaartspoorkoekoek is het geen verrassing een uitgebreid gamma aan waadvogels te spotten. Maar liefst achttien verschillende reigersoorten waaronder de Goliathreiger en de witrugnachtreiger waden langs de oevers, zich niets aantrekkend van de lelkraanvogel, zadelbekooievaar, dwerggans of slangenhalsvogel. Hoog in de lucht cirkelen roofvogels als de breedkoparend of bateleur op zoek naar een grondeekhoorn of spitsmuis terwijl de Afrikaanse zeearend van op een boomtop het wateroppervlak afspeurt naar een niet te versmaden visje. Hun schelle roep is zo herkenbaar dat het wel eens de stem van Afrika wordt genoemd. Een fanatieke vogelaar mag een tocht over de wetlands van de Okavango een succes noemen als hij of zij bij zonsondergang het geluk heeft de zeldzame Pel’s visuil te spotten. Ik tot nader order nog steeds niet.
Knorrende nijlpaarden
De volgende ochtend vertrekken we bij het krieken van de dag vanuit ons bushcamp in de delta. De opkomende zon heeft moeite om door de dreigende lucht te breken. Dit levert een mooi licht- en kleurenspektakel op. De mokoro’s glijden langzaam door de openschuivende papyruskragen. Papyrus en riet wisselt elkaar af terwijl waterlelies de open wateroppervlakten domineren. Een lelieloper huppelt over de grote groene bladeren op zoek naar insecten. Als je hier niet van ontstrest weet ik het ook niet meer. We trekken de bootjes de oever op om onder begeleiding van de hoofdpoler een groot eiland te verkennen. We zien chacma bavianen en vervetaapjes maar de zeldzame antiloopsoorten die we zoeken blijven uit beeld. Terug op het water varen we dieper de delta in. We zijn op zoek naar een hippopool. Dit is een wat ondieper stuk water waar nijlpaarden samen de warme dag doorbrengen. Een diep geknor galmt over het water. De hoofdpoler loodst zijn mokoro door het dichte riet in de richting van het geluid. De rest volgt. Iedereen houdt zich stil. Het riet opent zich en we krijgen zicht op een open stuk water. Een groep van ongeveer vijftien nijlpaarden geniet van het koele water. Hun ogen en oortjes steken boven het oppervlak uit. Af en toe kruipt een babyhippo halfop moeders grote lijf. Geknor weerklinkt. Terwijl we in stilte zitten te genieten van dit vredig tafereel neemt een van de polers fluisterend het woord. Hij wil bij deze de nijlpaarden bedanken voor de kanalen die ze onderhouden tussen de ondoordringbare papyruseilanden en rietkragen. Enkel daardoor kunnen de vissers met hun mokoro’s de Okavango Delta bevaren om hun families te onderhouden. Erg onder de indruk varen we terug naar het bushcamp waar we onze spullen in de mokoro’s laden. Een uurtje later komt het mokoro-station in zicht waar miss Okavango met haar ontplofte kapsel ons staat op te wachten. Ik steek een duim in de lucht als teken dat het goed was. Een tevreden glimlach siert haar gezicht.

